Door Peter Boel
We kunnen er niet genoeg op hameren: zend uw mooie KNSB-partijen in! Het aanbod uit de Meesterklasse is in de laatste ronden van het seizoen niet bepaald overweldigend. In de uitgestelde zesde ronde werden alle (groot)meesters en andere ambitionado’s overtroefd door een vierdeklasser. Arno van Akkeren uit Lonneker ging aan de haal met de prijs: het door New In Chess aangeboden boek Timman’s Studies van de ons helaas dit jaar ontvallen supergrootmeester en -schaakschrijver.
De juryleden, die overigens zelf een levendige remise tegen elkaar speelden in deze ronde, waren het eens over de winnende partij. Die begon rustig maar ontaardde in vuurwerk. Willy Hendriks schreef: “Met een mooie reeks schijnoffers profiteerde wit fraai van de in het midden achtergebleven zwarte koning.” En Rick Lahaye sprak van “geweldige combinaties met 14.Pc4!, 17.La3! en 18.Td6!”. Een vlotte aanvalspartij die niet veel commentaar behoeft.
Arno van Akkeren – Pepijn van Erp
Klasse 4B, Lonneker-UVS 2
1.e4 c5 2.c3 d5 3.exd5 Dxd5 4.d4 Pf6 5.Pf3 Lg4 6.dxc5 Dxc5
De hoofdvariant begint hier met 6…Dxd1+ 7.Kxd1 Pc6, maar de tekstzet is ook niet impopulair.
7.Le3 Dc7 8.h3

8…Lxf3?!
Geeft het loperpaar op en laat ook snel de lange rokade toe.
9.Dxf3 e6 10.Pd2 Pc6 11.0–0–0 Le7
Het is wat lastiger voor wit na eerst 11…Pd5, bijvoorbeeld 12.Lg5 Le7 13.Lxe7 Kxe7! of ook 12…h6.
12.Lb5?! a6?
12…Pd5! dwarsboomt de witte ideeën weer. De tekstzet blijkt een ernstige verzwakking.
13.Lf4! Dc8

14.Pc4! Lc5
14…axb5 15.Pb6 wint op klaarlichte dag de dame!
15.La4 b5 16.Ld6! La7
Het wanhoopsidee 16…Pa5 werkt ook niet na 17.Lxc5 of ook 17.Lb3 Pxb3+ 18.axb3 bxc4 19.Lxc5 en de toren op a8 staat in.
17.La3

Een fraaie stelling. Het is duidelijk dat zwart geen van beide witte stukken kan slaan.
17…Lb8 18.Td6!
Vooral niet terugtrekken!
18…bxa4 19.Txc6 Lf4+ 20.Kb1 Db8 21.Pb6
Dreigt ook nog eens iets op c8…
21…Pd5
… maar nu opent wit liever nog een aanvalslijn:
22.Pxd5 exd5 23.Te1+ Le5 24.Dxd5 f6 25.De6+ 1–0
Van het openingsspel van Hugo ten Hertog werden beide juryleden weer eens blij. Het leverde hem ditmaal een fraai dameoffer op (“een mooie opgave voor een puzzelboek,” vond Lahaye) en een tweede plaats.
Hugo ten Hertog – Valentin Buckels
Paul Keres-Zuid Limburg
1.Pf3 d5 2.e3
Niet de meest vervaarlijke twee beginzetten, maar dodelijk in de handen van de witspeler.
2…Pf6 3.c4 e6 4.b3 Ld6 5.Lb2 0–0 6.Pc3 a6

7.g4!?
Niet in staat om tijdig te stoppen schiet de pion door naar g4, zou Donner hebben geschreven. Ten Hertog heeft de opstelling met g3 ook wel gespeeld, maar besluit nu tot iets scherpers à la Bosboom.
7…b6?!
Hiermee kan zwart zijn tegenstander geen hoofdbrekens bezorgen. Er was een scherpere manier om de diagonaal te pakken, die ook gerechtvaardigd lijkt gezien zwarts ontwikkelingsvoorsprong: 7…dxc4 8.g5 (8.Lxc4 b5; 8.bxc4 Pxg4 en na de ruil op c4 is het veel makkelijker voor zwart om …f7-f5 te spelen) 8…Pfd7 9.bxc4 b5! en als wit de pion pakt krijgt zwart er een mooi initiatief voor.
8.g5 Pe4

9.Tg1
Nog iets sterker was hier 9.Dc2!, bijvoorbeeld 9…Pxg5 10.Pxg5 Dxg5 11.h4 De7 12.Tg1 met een zeer gevaarlijke aanval, of 11…Dh6 12.cxd5.
Zwart had nu op c3 moeten slaan, gevolgd door …Pd7 en …Lb7.
9…Pd7?! 10.Dc2 Lb7 11.cxd5 exd5
En ook hier kon zwart de deur nog enigszins dicht houden met 11…Pxc3 12.Dxc3 e5.
12.Pxe4 dxe4

13.Dc3!
Het verschil. Nu krijgt zwart grote last langs de diagonaal.
13…f6 14.gxf6 Txf6
Natuurlijk niet 14…Dxf6 15.Dc4+ Df7 16.Txg7+; en ook 14…Pxf6 15.Pg5 is gruwelijk. Alle witte stukken vallen alweer aan.
15.Lc4+ Kh8

16.Dxf6!!
Wow!
16…Pxf6
Valentin geeft zijn tegenstander de kans het mooi uit te maken. Veel prozaïscher was 16…Dxf6 17.Lxf6 gxf6 18.Pd4 en zwart heeft geen enkele compensatie voor de kwaliteit – integendeel, het witte initiatief duurt voort.
17.Pg5 De7 18.Pf7+

18…Dxf7
En daarmee is het meteen uit. Cruciaal was natuurlijk 18…Kg8 19.Pxd6+ Kf8 (of 19…Kh8) 20.Pf5 en na het inslaan op g7 moet de zwarte koning uiteindelijk het vrije veld in. Ten Hertog heeft geen moeite met de technische klus; zijn resterende stukken zijn zeer actief.
19.Lxf7 Tf8 20.Le6 Lxh2 21.Th1 Ld6 22.Lf5 Lc8 23.Lxc8 Txc8 24.Ke2 Te8 25.Lxf6 gxf6 26.Tag1 Tf8 27.Th5 Te8 28.Tg4 Te6 29.Tgh4 Te7 30.Th6 f5 31.Tf6 f4 32.exf4 Td7 33.f5 Lb4 34.Txe4 Lxd2 35.Tfe6 Lg5 36.f6 Kg8 37.f4 Lh4 38.Te8+ Kf7 39.T8e7+ 1–0
De volgende niet bijzonder correcte maar wel zeer onderhoudende pot werd door de jury op de derde plaats gezet. Willy Hendriks sprak boekdelen met één woord: “Koffiehuis!”
Anna Zatonskih – Vitaly Kunin
HMC Den Bosch-Charlois Europoort
1.d4 d5 2.c4 dxc4 3.Pf3 Pf6 4.e3 Lg4 5.Lxc4 e6 6.0–0 a6 7.Le2 Pc6 8.b3 Ld6 9.Lb2 0–0 10.Pbd2 De7 11.Pc4

De strijd gaat duidelijk om veld e5. Zwart wil daar graag zijn e6-pion neerzetten.
11…Tfd8 12.Dc1 Pe4
Ondanks de hangende loper op e2 gaat 12…e5 hier nog niet: 13.dxe5 Pxe5 14.Pcxe5 Lxe5 15.Lxe5 Lxf3 en nu is 16.Lxf3 Dxe5 17.Lxb7 al heel goed, maar natuurlijk slaat wit door met 16.Lxf6. Omdat wit al haar krachten in veld e5 heeft geïnvesteerd, verlegt Kunin de strijd een veldje.
13.h3 Lh5 14.Td1!?
Met het oog op het vervolg misschien niet de handigste. Wit had hier wat vage zetten als 14.De1, maar interessant was ook 14.Pxd6 cxd6 15.d5! exd5 16.Dd1 met loperpaar en druk op zwarts kreupele structuur.
14…Pb4!
Verhindert d4-d5.
15.a3 Pd5 16.Dc2 f5!
Er is geen weg terug!
17.Tac1

17…f4?
Maar hiermee gaat zwart te ver. Met 17…Tf8! had hij zijn initiatief kracht bij kunnen zetten. Kunins stukoffer (of schijnoffer, want wit moet de dame geven) is creatief, maar het blijkt niet te werken.
18.Pxd6!?
Wit had hier toch 18.Dxe4! kunnen spelen; na 18…Lg6 19.Dxg6 hxg6 20.e4 krijgt wit geen derde stuk voor de dame, maar in plaats daarvan wel een sterke aanval à la Ten Hertog: 20…Pb6 21.e5 Pxc4 (het gaat net voor zwart: 22.exd6? Pxd6) 22.Lxc4 Lxa3 23.Lxa3 Dxa3 24.Lxe6+ Kh7 25.Pg5+ Kh6 26.Pf7+ Kh7.
Dat is een spectaculaire zet die nog wel wat uitleg vergt. De witte dreiging lijkt Tc1-c4xf4-h4+ te zijn, maar zwart heeft natuurlijk ook nog zetten. Maar welke?? Na 27…Tf8 (27…c6 28.d6), wat de genoemde manoeuvre verhindert, blijkt wits echte pointe: 28.Pg5+ Kh6 29.h4 en nu blijkt de d-pion wits voornaamste troef te zijn. De pion stoomt door, al dan niet voorafgegaan door Txc7, en de witte loper en paard, om niet te spreken van de torens, zijn ijzersterke ondersteuners.
Had Anna Zatonskih dit gevonden, dan was ze zelf een kanshebber geweest voor de prijs, aldus de jury.

Clubgenoot René Olthof schrijft: “Tot hier had Anna deze variant berekend. Ze had niet in de gaten dat wit gewonnen staat na 27.d5!.”

(analysediagram)
Olthof geeft de tekstzet een ‘?!’, maar ook het slaan op d6 is goed voor wit. Want als zwart terugslaat pakt wit nu niet het paard op e4, maar speelt ze 19.exf4! met duidelijk voordeel. Dus Kunin kiest voor de chaos:
18…Pxf2!? 19.Kxf2
Nog sterker was 19.Pxb7! Pxd1 (19…Pxe3 20.Dc6 is niets) 20.Pxd8 Pxb2 21.Pc6 Dxa3 22.Pce5 en wit staat gewonnen – nog een variantje van Olthof. Na 22…Pxe3 23.Dxc7 gevolgd door Pg5 is de aanval beslissend.
19…fxe3+ 20.Kg1 cxd6 21.g3!?
Wit had hier meerdere goede kalme zetten, zoals 21.Kh2 of 21.Tf1, of ook 21.Lc3 om de zwarte gaten in haar stelling te dichten. De tekstzet is nog okee, maar verzwakkend – en Kunin duikt er meteen bovenop.
21…Tf8! 22.Tf1 Tf6

23.De4?
Dit stelt zwart in staat de druk verder op te voeren. De beste zet was 23.Ph4! Tf2 24.Txf2 exf2+ 25.Kxf2 Tf8+ 26.Kg1 en zwart heeft te weinig munitie voor de aanval, bijvoorbeeld 26…Dg5 27.Lxh5! Dxg3+ 28.Pg2 Pf4 29.Lg4 h5 en hier kwam Olthof met een fraaie variant: 30.Lxe6+ Pxe6 31.Dc4 Dxh3 32.Te1 Tf6 33.Dc8+ Kh7 34.Dc2+ Tg6

(analysediagram)
35.Dxg6+! Kxg6 36.d5! (weer dit zetje! En vooral niet het elegante 36.Txe6+ vanwege 36…Kf7! en met zijn sterke dame en pluspionnen staat zwart hier zelfs beter) 36…Kf7 (als het paard wijkt wint 37.Pf4+) 37.dxe6+ Ke7 38.Lxg7 en in deze variant is het wit die beter staat; haar stukken zijn actiever en ze heeft een grote handenbinder op e6.
23…Taf8 24.Kh2
24.Kg2 stelt de koning bloot aan eventuele vorkjes op f4. Maar nu heeft wit het probleem dat de dame f3 moet blijven dekken, waardoor ze zelf in het nauw komt.
24…g5 25.Tce1 Lg6 26.Dg4 Tf5
Nog irritanter was 26…h6 27.h4 Lf5 28.Dh5 Dg7 en wit mag de h-lijn niet openen voor de torens; de grote dreiging is nu 29…Lg6 30.Dg4 h5! 31.Dxg5 Tf5 met damevangst.
27.h4 Pf6 28.Dh3 g4 29.Dg2 Pe4!?
Het f3-paard kan niet weg wegens 30…Tf2, maar nog sterker was 29…Pd5.
30.Ld1 gxf3 31.Txf3 Pd2

32.Texe3
32.Txf5 Txf5 dreigt opnieuw 33…Tf2; wit is reddeloos verloren.
32…Pxf3+ 33.Lxf3 Df6 34.d5 e5
En Zatonskih moest opgeven; de loper op f3 gaat er ook nog af.
Nummer vier voor de jury was de volgende partij. “Knap erdoorheen geofferd,” vond Willy Hendriks.
Roger Labruyere – Julius Ohler
Groninger Combinatie-LSG
1.e4 c6 2.d4 d5 3.e5 Lf5 4.h4 h5 5.Ld3 Lxd3 6.Dxd3 e6 7.Lg5 Le7 8.Pf3 Ph6 9.Pbd2 Pf5 10.c3 Pd7

11.Pf1?!
Een standaardzet, maar hier een beetje vroeg. Zwart had daarvan nu kunnen profiteren met 11…f6! en wit had dat kunnen verhinderen met 11.De2, met licht voordeel.
11…Db6? 12.Pe3!
Maar nu komt het als pionoffer, met extra kracht. Door de configuratie van zwarts stukken, zonder ondersteuning van de dame, komt Ohler niet meer tot rokeren.
12…Pxe3 13.fxe3 Dxb2 14.0–0 Da3 15.Tab1 b5?

16.Tf2
Redelijk voorzichtig; 16.e4! was hier al heel sterk. Maar nu mist zwart zijn laatste kans om zijn tegenstander zand in de ogen te strooien met 16…f5!.
16…a6 17.e4! Tc8 18.Lxe7 Kxe7 19.Pg5 Tcf8 20.exd5 cxd5 21.Tbf1

Roger heeft alles netjes klaargezet.
21…f6?
Laatste kans om 21…f5! te spelen. Nu is 22.exf6+ gxf6 23.Dg6 niet overtuigend (het bedaarde 23.Ph3 geeft wit nog wat voordeel) omdat wit na 23…fxg5 geen goede schaaks heeft. Wit kan daarom het beste 22.Dg3 proberen, en na 22…Th6 23.Tf3 Tg6 24.Df2 (24.c4? Db2) moet zwart om 25.c4 te verhinderen zijn dame terugtrekken naar a4 of a5.
22.Dg6!
Nu is de bruyére los.
22…Thg8
Na 22…fxg5 is wit een zet sneller dan in de bovengegeven variant en wint hij met 23.Tf7+ Kd8 24.Dxe6.
23.exf6+ gxf6
Of 23…Pxf6 24.Te2.
24.Dh7+ Kd6

25.Pxe6! Te8
25…Kxe6 26.Te2+ Kd6 verliest de dame na 27.De7+.
26.Pg7 Dxc3

27.Txf6+
Klap op klap!
27…Kc7
Of 27…Pxf6 28.Txf6+ Kd7 29.Pxe8+ met spoedig mat.
28.Pxe8+ Txe8 29.T6f4 De3+ 30.Kh1
Helaas een ietwat prozaïsch einde; zwart gaf op in deze hopeloze stelling.
Onderstaande partij, aan bord 3 in de Derde Klasse E, werd ingezonden door een clubgenoot van de winnaar, Rob Hopman, met de volgende omschrijving: “Met prachtig strategisch spel in de geest van Nimzowitsch werd in een Hollandse Verdediging de witte koningsvleugel binnengedrongen. Zwart kon het zich permitteren zijn dame te laten instaan om zijn stelling nog verder te verbeteren.”
De juryleden zetten deze partij op plaats 5: een aardige aanvalspartij, volgens de gebaande paden.
Wim Pool – Henk Ochtman
Klasse 3E, Overschie-Sliedrecht
1.c4 f5 2.Pc3 Pf6 3.d4
Aldus gaan we over naar het Hollands, maar na zwarts vierde zet krijgt de stelling uitgesproken kenmerken van het Dame-Indisch, en de aanval die hij ontwikkelt kennen we ook uit die opening.
3…e6 4.e3 b6 5.Ld3 Lb7 6.Pf3 Pe4
Dat gebeurt in het Dame-Indisch ook vaak in omgekeerde volgorde (…Pe4 en …f5).
7.Dc2 Lb4 8.a3
Het witte spel is wat langzaam. In plaats van deze zet te spelen had hij kunnen rokeren.
8…Lxc3+ 9.bxc3 Pc6 10.a4
10.Lxe4 fxe4 11.Dxe4 Pa5 12.Dd3 Df6 is uitermate onaantrekkelijk voor wit, bijvoorbeeld 13.e4 Dg6!.
10…Pa5 11.0–0
Nu is wit te laat met het zetten van zijn loper op a3, maar direct 11.La3 kon goed beantwoord worden met 11…c5 gevolgd door …0–0 en eventueel …d6. De zwarte centrumpionnen zijn flexibel en wit kan ze niet aanvallen.
11…0–0 12.La3

12…Tf6!?
Het apparaat geeft ook hier het strategische 12…c5, maar Ochtman kiest voor de aanval.
13.Pe1
Pool ziet de donderwolken al aan komen zetten, maar deze passieve zet verergert het gedonder alleen maar. Stockfish komt met het onwaarschijnlijke 13.Lb4! met de pointe Lxa5 en Tb1, om de monsterloper op b7 uit te schakelen. Wij nemen het de witspeler niet kwalijk dat hij niet op die ‘gedachte’ kwam.
13…Th6 14.g3
Dit helpt allemaal niet… de zwarte stukken dalen nu als luchtdemonen over de arme witte koning neer.
14…Dg5 15.Pg2
Hier staat het paard ook nog eens bijzonder slecht, met al die gaten op f3 en h3. Maar goede raad was al duur.
15…Dh5 16.h4

16…Pg5! 17.f4
Komt u binnen! Nu gaat pion g3 afgehamerd worden.
17…Pf3+ 18.Kf2 Tg6 19.e4 Dg4 20.Ke3 Ph2 21.Tf2 Dxg3+ 22.Ke2

22…Dxg2!
Wint op elegante wijze dit ongelukkige paard. Het moet gezegd dat ook 22…Pxc4! en 22…Pg4 de zaak snel zouden hebben beslist.
23.Db1 fxe4! 24.Lc2
Zwart wint de dame altijd met rente terug, want 24.Txg2 Txg2+ 25.Ke3? Pg4# is een bezienswaardig mat.
24…Pxc4!
Onderstreept dat nog eens.
25.Txg2 Txg2+
En wit gaf op. Zwart blijft uiteindelijk een stuk en drie pionnen voor.
Nog een partij uit de Derde Klasse E, ingezonden door Adri Timmermans, clubgenoot van de witspeler, met de volgende woorden: “Niet alleen is dit, in mijn ogen, een bijzonder fraaie eindcombinatie, het betekende ook nog eens het beslissende punt voor het kampioenschap in de Derde Klasse E. Door deze overwinning kwam Dordrecht op 4 punten en stelde het daarmee het kampioenschap veilig.”
Lahaye schreef: “Hier worden schaaktrainers blij van. Op zet 22 een mooi voorbeeld voor een training. Flankaanval met de breekzet 22.g4 op dezelfde kant waar je rokade hebt gespeeld.” Maar omdat de partij niet veel spektakel bevat, eindigde hij als zesde.
Stefan Colijn – Jos van der Kaap
Klasse 3E, Dordrecht-Souburg
1.d4 Pf6 2.Lf4 d5 3.e3 e6 4.Pd2 Ld6 5.Lg3
Tegenwoordig laten witspelers zwart ook regelmatig op f4 slaan met 5.Pgf3. De pion op f4 staat zeker niet minder dan op e3, de e-lijn komt open en de voorpost e5 wordt versterkt.
5…0–0 6.Ld3 c5 7.c3 Dc7 8.dxc5!? Dxc5 9.Pgf3 Pbd7 10.Lxd6!? Dxd6 11.0–0

11…Pe5?!
Wit heeft tweemaal licht gezondigd tegen de afruilwetten (ruil niet zelf maar laat je tegenstander ruilen), maar zwart speelt hem nu in de kaart. Er waren aantrekkelijke alternatieven, zoals het scherpe 11…e5 of het flexibele 11…b6.
12.Pxe5 Dxe5 13.De2 Ld7 14.f4!
Met de overblijvende zwarte stukken heeft de zwakte van e3 geen betekenis.
14…Dh5 15.Pf3 Tfc8

16.De1!
Bevrijdt zijn paard, en dus ook zijn koningstoren. Daarmee zet wit een min of meer gespiegelde versie op van de aanval in de partij Pool-Ochtman.
16…Pe4 17.Pe5 Lc6

18.Tf3!?
Ook hier krijgt deze zet een ‘!?’ want het riskanter ogende 18.g4! was sterker. Zwart reageert echter verkeerd:
18…f5?
Het was nu tijd om het sterke witte paard uit te schakelen met 18…f6 omdat er geen uitwijkvelden zijn. Na 19.Pxc6 bxc6 kan wit de zwarte pionnenstelling wel verzwakken met 20.Lxe4, en mogelijk beviel dit Jos niet. Maar nu heeft wit wel een zwakte op e3 en heeft zwart een open d-lijn en een halfopen b-lijn voor zijn torens.
19.Th3 De8 20.Lxe4 dxe4 21.Dh4 h6 22.g4
Allemaal volstrekt logisch. De zwarte stukken staan passief en de witte aanval is al beslissend.
22…fxg4 23.Pxg4 Df8 24.Kh1 Kh7 25.Tg1 Td8

Het slotakkoord is fijn:
26.Pxh6! gxh6 27.Dg5 Le8
En nu:
28.Txh6+! Dxh6 29.Dg8#
